Het Subjectieve Archief (2)

september 27th, 2009

Thijs Zilverberg, voetbalmakker en tevens de man met de sublimatie van de sleep als signature-move, zet het nu al legendarische Subjectieve Archief door op zijn website. Zijn recensie is, vind ik dan, de beste recensie die ooit is geschreven over Moke. Die kutband, waarschijnlijk ook bij u en uw vrienden bekend als de enige band op aarde waarbij het doodknuppelen van pasgeboren baby’s ethischer is dan het aanschaffen van het album, mag Thijs dankbaar zijn voor de tijd en intellectuele kracht die hij er in heeft gestoken. Voorzichtige conclusie: dat Subjectieve Archief kan wel eens het langverwachte en felbegeerde Nederlandse alternatief voor Pitchfork worden.

A I D S B A N D

Nico Stai is here to stay (OLÉ, OLÉ)

september 22nd, 2009

Vorig jaar rond deze tijd zong ik graag en vaak mee met de liedjes van Nico Stai. Die liedjes over opbeurende zaken als het failliet van de liefde, overdreven drugsgebruik en niet kunnen slapen van de angst dat alles ooit eens zal ophouden, hielden me in die tijd zo’n beetje op de been. Uiteraard niet omdat ik een depressieve aanleg heb (HELL NO!!!!) maar gewoon, omdat het puike en spontaan meezingbare songs zijn. Een beetje alsof iemand alle shit van de wereld over zich heen kreeg en je er door er naar te luisteren in ieder geval weet dat je stem van al die drugs niet direct mooier wordt, Jezus de wereld helaas nooit zal redden en geluk een onzinnig begrip is.

 

Tegenwoordig ziet Nico er niet meer uit alsof hij gister nog recht uit het riool en via onze wc-pot de wereld weer kwam inkruipen. Tegenwoordig draagt Nico namelijk roze, straksluitende hemdjes (zijn MySpace!) en wordt hij door gezonde, intelligente mensen omschreven als de nieuwe Bob Dylan, Sufjan Stevens, Nick Drake of Joseph Arthur. Vooruitgang, ook in het geval van Nico blijkt het maar weer eens een prachtig conceptueel kader waar eigenlijk veel meer mensen zich mee bezig zouden moeten houden.  

 

Hier een link naar een mooie sessie met Nico. Schraal natuurlijk, zo’n link, maar ik weet niet meer hoe ik een filmpje in een bericht plaats! DOM HE !? 

 

 

 

 

 

 

Nee! Niet alwéér zo’n overdreven bullshitrecensie!

september 21st, 2009

We maken het helaas veel te weinig mee. In de donkere zaaltjes waar het o zo vaak door god vergeten Utrechts talent zich doorgaans een weg naar eeuwige roem worstelt, worden we vaak omringd door verveeld kijkende mannen. Mannen ja, met pakjes zware shag geruststellend en tegelijk verleidelijk consumeerstimulerend in de aangehouden jas en een totaal en vaak grondig geformuleerd bewijs van het ongelijk waar de ontzielde massa zich in wentelt. Verder verwijderd van de vreugde van de ontluikende en nog onschuldige liefde dan, laten we zeggen, Geert Wilders bij de realiteit, drinken deze mannen naast ons hun biertjes en stellen ons vragen over de tragiek van Jack Kerouac en waarom hij na ‘On The Road’ nooit meer iets noemenswaardigs schreef.

Bij Noah and The Whale in het grote, lichte en hippe Tivoli de Helling staan de jonge en vitale meisjes voor ons, achter ons en naast ons. Ze klappen mee, maken foto’s van elkaar en vinden Jack Kerouac sowieso een vieze gast die nooit iets heeft bereikt. Bij doorbraakhit en allerallerallerlaatste nummer van de set ’5 Years Time’, gillen ze, intens tevreden. En ze dansen. Onhandig, maar onschuldig.

Dat is dus het moment dat je, als vast volger van de marge, jezelf met een keihard probleem hebt opgezadeld. Want, jongens: even serieus.  What the FUCK is hier aan de hand! Waarom lacht iedereen en komt het gewoon niet in deze mensen op dat meeklappen op de maat zielig is? De wereld is toch een plek vol geestelijke armoede en minachting voor beschaving?  Horen wij ons niet afzijdig te houden van confectievermaak? Ach, ja. Waarschijnlijk. Maar de lieve indiejongens van Noah and the Whale leren ons en ons zwartgeblakerde hart de wijze levenlses dat het soms gewoon beter is te vergeten. De wereld gaat dood. Ja, maar soms is het gewoon fijn om te genieten van de vreugde die popmuziek ons wil schenken. Snif.

‘Blue Roses’ bestaat vanavond uit twee jonge, enthousiast lieve vrouwen met in de kast waarschijnlijk een indrukwekkende hoeveelheid bloemetjesjurken, platen van Joni Mitchell en dozen vol gepassioneerd geschreven maar nooit verstuurde liefdesbrieven. Samen brengen ze met behulp van viool, akoestisch gitaar toetsen en een naar hysterie neigende hoge stem folky liedjes ergens tussen Joni Mitchell en Joanna Newsom in. Mooi maar na drie nummers vooral een harde stijd tegen opborrelende seksistische ideeën over vrouwen in de popmuziek. Laten we het erop houden dat Roosbeef wel cool is.  

Dankzij ‘The First Days Of Spring’, het recent uitgekomen en prachtige tweede album van Noah and the Whale, kan de herfst echt beginnen. De liedjes gaan namelijk vooral over de dingen waar een mens aan denkt als de liefde over is. Zo zingt zanger Charlie Fink in ‘Stranger’: ‘Last night I slept with a stranger, for the first time since you’ve gone’ en of het nu zijn donkere, naïeve baritonstem is of het verder nauwsluitend toepasselijk weemoedige nummer zelf, feit is dat je oprecht met die arme Charlie te doen hebt. Seks met vreemden, wat een deerlijke droefenis, dude!

De nieuwe liedjes zijn anders dan doorbraakhit ‘ Five Years Time’ niet heel erg gemaakt om gelukzalig en opgewekt ritmisch mee te klappen. De op folk-leest geschoeide en rijkelijk gearrangeerde nummers doen het juist heel goed in de veilige intimiteit van de studentenkamer (waar een weemoedige traan gewoon zijn gang kan gaan), maar blijven dankzij een wat meer rockgeoriënteerd live geluid ook in een behoorlijk volle Helling overeind. Nadeel aan dit wat stevigere geluid is de legitimatie die de bassist kennelijk heeft gevonden om te doen alsof hij in Mötley Crue speelt. Zelden geëvenaard staaltje overacting.

Ondanks de prachtige en live overtuigend en bij vlagen ontroerend mooi uitgevoerde nieuwe songs, valt het hoogtepunt toch in de toegift, bij twee nummers van het debuutalbum. Als ‘Jocasta’ in een perfect op maat gesneden rockjasje is gegoten en daarna een wat rommelige, gehaaste versie van ‘Five Years Time’ volgt is het opeens partytime. Er wordt gedanst, meegezongen en later als iedereen is uitgeklapt en wacht in de garderobe rij, valt meerdere malen de tevreden verzuchting; ‘pfieuw gelukkig speelden ze nog wel de oude hits.’

Met een rijk en dankbaar gevoel fietsen we die avond in september de donkere avond in. Volgende week staan we vast weer tussen onze vrienden in een donker zaaltje waar zowel god als Noah and the Whale nooit zullen komen. Toch hebben we vanavond onder de felle lampen van de indiemainstream iets waardevols geleerd. Soms is het inderdaad gewoon beter om te vergeten dat de de wereld in brand staat en Moke albums blijft uitbrengen. Soms is het gewoon fijn te genieten van de vreugde die popmuziek een mens kan bieden. YES!

uiteraard valt ook dit terug te lezen op de BESTE MUZIEKSITE OOOOOOIT!

Gezien: Noah and the Whale & Blue Rose
Waar: Tivoli de Helling
Wanneer: 15 september

Het Subjectieve Archief (1)

september 14th, 2009

La Roux – La Roux

Ik heb het niet zo op roodharige meisjes. Nooit gehad ook. De roodharige meisjes die ik ken fietsen het liefst hysterisch zingend op met bloemen volgehangen bakfietsen door vervallen steden. Dat soort contrasten vinden ze namelijk fijn. Net als dat ze het fijn vinden om verwende katten te hebben, op regenachtige middagen naar Joni Mitchell te luisteren en bij voorbaat mislukte zelfmoordpogingen te ondernemen. Waarschijnlijk is het iets genetisch. Een vreemd soort evolutionair fiasco waarbij de mutatie hippiehysterie en rood haar een nieuw soort meisje heeft opgeleverd.

Toen ik backstage op Lowlands Florence (van The Machine) tegen het tengere, roodbehaarde lijfje aanliep, keerde ik me dan ook vol walging af naar Eric Corton die net joviaal zijn arm om een jong, blond meisje sloeg. Ook hij is zo, dacht ik. Een vriend van de jeugd en, dat wist ik toevallig, ook een liefhebber van harde muziek. Een logische en menselijke combinatie waardoor hij vast elke dag gelukkig is. Terecht. Ondanks mijn doortimmerde visie over roodharige meisjes als voer voor de hel lukte het Florence om zich opnieuw in mijn gezichtsveld te wurmen.

Erg veel moeite deed ze daar niet voor. Ze droeg namelijk een soort prinsessenachtige slaapoutfit en leek een beetje stoned. Haar ultrakorte zijden broekje wapperde om haar lelieblanke huid en voor ik het wist zag ik mijn tot dat moment vastgeklonken wereldbeeld kantelen. Hier stond een rood meisje met een Lennonesque zonnebril en een afwezige glimlach zomaar NIET hysterisch te zijn. Ze zong niet huppelend en pseudo-spontaan liedjes over vallende bladeren en de deportatie van joden, haar onbedorven huid was puntgaaf en later, toen ik watertandend bij haar sessie stond, zong ze ook nog eens heel mooi. Echt jongens, ik ben snel verliefd en soms denk ik wel eens dat ik daarmee moet stoppen, maar met Florence wil ik trouwen. En als we dan roodharige meisjes krijgen zal ik gelukkig zijn en hopen dat zij zullen trouwen met even fijnbesnaarde en integere mannen als Eric Corton. Ik hoop overigens vooral dat ze niet zullen lijken op La Roux. Damn, wat is zij lelijk!

File: La Roux – La Roux

File Under: Lelluk

File audio: http://www.myspace.com/larouxuk

File video: http://3voor12.vpro.nl/tv/#/41128679/42384173/21 (tip!)

SORRY!

september 9th, 2009

En ik had nog wel zo overtuigend beloofd alle door mij geschreven en door mijn weldoeners gepubliceerde stukjes hiernaartoe door te plaatsen. Om niet alweer een belofte in de inmiddels bijna oneindige reeks niet nagekomen maar wel goed bedoelde beloftes bij te moeten schrijven, hier een kleine tegemoetkoming: alle geanimeerde gesprekjes die ik op Lowlands met de groten der aarde, minder groten der aarde, verliefde homoseksuele jongens en Roosbeef voerde zijn terug te vinden onder deze link. Geen dank!